Les 3: Schrijfstijl op 3 niveaus

Gratis voorbeeld

In les 1 en les 2 hebben we veel gesproken over woordkeus want de keuze van je woorden is een belangrijk onderdeel van je stijl. Af en toe kwam ook al de opbouw van zinnen ter sprake. Korte zinnen, lange zinnen, een ingewikkeld zinsdeel. Want hoe je een zin opbouwt, is ook een deel van je stijl. Behalve het niveau van het woord en dat van de zin is er nog een derde niveau. Dat is het tekstniveau.

Bij een van de voorbeelden uit les 1, over het Bevolkingsonderzoek Borstkanker, schreven we over het verband tussen zinnen. Dat valt niet onder woordkeus en niet onder zinsbouw. Hier komen we dus op dat derde niveau: het niveau van de tekst. Hoe verbind je de verschillende delen van de tekst? Doe je dat bijvoorbeeld chronologisch? Geef je veel voorbeelden? Onder dit niveau valt ook een heel belangrijk stijlelement: het perspectief. Schrijf je vanuit jezelf of je bedrijf? Of verplaats je je in de lezer?

Bekijk nu eerst het videofragment, over die verschillende niveaus van schrijfstijl:

In deze cursus bespreken we schrijfstijl op drie niveaus:

  1. woordniveau
  2. zinsniveau
  3. tekstniveau

Op elk van de drie niveaus leer je keuzes maken voor je schrijfstijl. Hieronder zie je in een schema een aantal veel voorkomende vragen over schrijfstijl per niveau. Er zijn natuurlijk nog heel veel meer keuzes denkbaar, op elk van de drie niveaus.

Schrijfstijl op: gaat over vragen als…
woordniveau Formeel of informeel?
Moeilijk of makkelijk?
Modern of ouderwets?
Jargon (vaktaal) of niet?
zinsniveau Korte of lange zinnen?
Overzichtelijke zinsbouw of complex?
Met welke informatie beginnen?
Actief of passief?
tekstniveau Welke invalshoek/perspectief?
Mensen citeren of niet?
Chronologisch of niet?
Stijlfiguren en andere creatieve elementen gebruiken?

Studie-opdracht:

Waarschijnlijk ben je aan deze cursus begonnen met een aantal vragen in je achterhoofd over je eigen schrijfstijl. Herken je je vragen in het schema hierboven? Heb je ook nog andere vragen? Noteer nu voor jezelf je drie belangrijkste vragen en noteer daarachter op welk niveau deze vragen zich afspelen: woordniveau, zinsniveau of tekstniveau?

Komt een van je drie belangrijkste vragen niet aan bod in de cursus? Laat dat dan aan ons weten. Zo kun je ons helpen de lessen steeds meer af te stemmen op de vragen van cursisten.

Voorbeeld

Tijd voor een praktijkvoorbeeld, voor een schrijfstijlanalyse op de drie niveaus. Hieronder zie je een tekstje van Coolblue. Het bedrijf hanteert een uitgesproken stijl, kijk maar:

Toelichting bij het voorbeeld

Coolblue hanteert hier een specifieke schrijfstijl, die goed past bij de uitstraling van het bedrijf: fris, origineel, net even een stapje extra zetten in klantvriendelijkheid. Hoe komt die schrijfstijl tot stand? Dat leggen we hieronder uit, door op de drie niveaus van schrijfstijl enkele kenmerken te benoemen. Deze stijlkenmerken komen (samen met heel veel andere stijlkenmerken) nog uitgebreid aan bod, hier laten we alvast wat zien:

Woordniveau

Er is gekozen voor eenvoudige woorden, de tekst bevat woorden die iedereen kent. Het zijn moderne, hedendaagse woorden en er is geen jargon gebruikt. De woordkeus is informeel: …werken we keihard

Wat verder opvalt aan de woordkeus, is de originaliteit. Er komen woorden in voor die je niet vaak ziet in zakelijke teksten. Bijvoorbeeld: het verwonderen van de klanten. Of een obsessieve focus op klanttevredenheid.

Zinsniveau

De meeste zinnen in dit tekstje zijn vrij kort. De eerste ‘zin’ bestaat zelfs uit maar één woord: Coolblue. De tweede zin bestaat uit vier woorden. Er is wel variatie in de zinslengte, wat de tekst een levendig ritme geeft. Echt lang worden de zinnen nooit: de langste zin telt nog altijd slechts 15 woorden.

Tekstniveau

De opbouw van dit tekstje is helder. Er is gekozen voor een chronologische volgorde. De tekst begint dus bij het begin: Ooit begonnen als studentenbedrijf.

Het perspectief ligt bij de zender, bij Coolblue zelf. Het bedrijf vertelt over zichzelf, vanuit zichzelf. Dat werkt in dit geval heel goed, doordat het gaat om informatie die van belang is voor de lezer.

Zelfstudie-opdracht

Hieronder zie je een pagina van de website van de gemeente Dordrecht. Het is de pagina over de gemeente, bestemd voor inwoners van de gemeente. Lees de tekst aandachtig door.

  • Omschrijf hoe deze schrijfstijl op je overkomt.
  • Probeer iets te zeggen over de drie verschillende niveaus. Wat valt je op aan de schrijfstijl op woordniveau? En op zinsniveau? Op tekstniveau?

Antwoord bij de zelfstudieopdracht

Hoe heb jij de tekst ervaren? Wij vonden deze tekst niet erg aantrekkelijk. Hieronder leggen we uit waarom.

Woordniveau

Op het eerste gezicht is de woordkeus weinig verrassend. Wel zien we hier wat stijlverschil binnen de tekst. In de eerste zin is de woordkeus informeel: Dordrecht zit vol met ambities. Je kunt je zelfs afvragen of die woordkeus helemaal klopt: zit een stad vol met ambities? Verderop in de tekst wordt de woordkeus minder handig en voor sommige lezers wordt de tekst daarmee misschien zelfs onbegrijpelijk. Zou iedereen weten welke of wat voor opgaven er worden bedoeld in de zin: De opgaven van de stad zijn leidend voor het werk van de gemeentelijke organisatie?

Zinsniveau

De zinnen in dit tekstje zijn niet overdreven lang. De langste zin telt 21 woorden. Dat mag korter, maar het is niet extreem. De zinsbouw is ook niet overdreven moeilijk. Anderzijds, van een gemeente mogen we juist heldere en toegankelijke taal (taalniveau B1!) verwachten. Dat zien we hier in de meeste zinnen niet. Kijk bijvoorbeeld naar de passieve zin: Een groot deel van de werkzaamheden voor de gemeente Dordrecht worden vanuit het Stadskantoor aan de Spuiboulevard verricht. (Let ook op de fout in enkelvoud/meervoud: een groot deel … worden.) Deze zin kan beter actief: We werken voornamelijk vanuit het Stadskantoor aan de Spuiboulevard. Dat maakt de tekst meteen persoonlijker.

Tekstniveau

Kijken we op tekstniveau, dan zien we een beetje een rommelig geheel. Waarom behandelt deze pagina over de gemeente deze vier deelonderwerpen, in deze volgorde? Zou dit zijn wat de lezer het allerliefst wil weten over de gemeente Dordrecht? Misschien, Maar dan nog: de lezer wordt weinig wijzer, want wat stáát er nou feitelijk? De missie van de gemeente is het waarmaken van ambities. Welke ambities dan? Of gewoon willekeurige ambities? Onder het kopje Gemeentelijke locaties lezen we over het Stadskantoor, maar er worden geen andere locaties genoemd. Dan een tekstje over ‘opgaven en clusters’. Wat die clusters zijn, wordt niet verteld. Het gaat alleen over de opgaven, maar daarvan weten we nu niet méér dan dat sommige daarvan gedurende langere tijd extra inspanning van de organisatie en aandacht van het gemeentebestuur vragen. Tot slot weet ik als lezer ook niet of er vacatures zijn bij de gemeente en zo ja, waar ik die zou kunnen vinden.

Voorbeeld 2

Dit is de ‘body-tekst’ van een brief van International Card Services, die onder andere incasseren voor de Bijenkorf. Kijk eerst wat je zelf kunt zeggen over de stijl van deze tekst op woordniveau, zinsniveau en tekstniveau. Daarna kun je onder de tekst lezen wat wij ervan vinden.

Toelichting bij het voorbeeld

Woordniveau

Het woordgebruik is niet formeel, maar ook niet al te informeel. De geadresseerde wordt aangesproken met ‘u’; dat is beleefd. In de eerste zin staat dat het rekeningoverzicht beschikbaar is. Dat is geen moeilijk woord maar het is minder informeel dan ‘staat voor u klaar’. Zo is in de derde alinea gepaard gaan iets minder informeel dan ‘(de kosten die het) met zich meebrengt’.

Deze stijl wordt in de hele brief consequent toegepast.

Zinsniveau

Ook op zinsniveau is deze brief niet formeel maar ook niet erg informeel. De drie alinea’s lopende tekst bestaan uit acht zinnen. Dat is niet zo veel. Er staan dan ook een paar langere zinnen in. De zinnen op zich zijn niet ingewikkeld, maar we zien wel een paar keer een erg lange bepaling. Dat leest niet altijd prettig. De eerste zin begint met een lang zinsdeel waar de meeste mensen niet veel moeite mee zullen hebben: Uw rekeningoverzicht van de Bijenkorf Card van de afgelopen maand. De lange zin in de derde alinea is een stuk minder eenvoudig: het terugbetalen van het openstaande saldo en de eventuele kosten die daarmee gepaard gaan. Bovendien lijkt het door deze constructie dat er eventueel kosten verbonden zijn aan het terugbetalen. Dat zal niet de bedoeleing zijn. Waarschijnlijk gaat het om kosten die verbonden zijn aan een openstaand saldo. Als je te laat bent met betalen, wordt er rente berekend of zoiets.

Samengevat: ook op zinsniveau is deze tekst niet formeel maar ook niet echt informeel.

Tekstniveau

Op tekstniveau is dit een heel heldere tekst. Eerst wordt meegedeeld dat je rekening klaarstaat. In de tweede alinea kun je lezen hoe je die rekening kunt betalen. In de derde wat er gebeurt als je niet betaalt. Een heel logische volgorde. Extra service: na de drie alinea’s kun je direct inloggen op je account om je rekening te betalen.

Een overzichtelijke, zakelijke tekst zonder franje.

Voorbeeld 3

Bij de uitnodiging uit les 1 hoort natuurlijk ook een uitslag van het bevolkingsonderzoek borstkanker:

Toelichting

Dit is ook letterlijk een voorbeeldbrief omdat de brief in alle opzichten rekening houdt met de doelgroep. Die doelgroep bestaat uit vrouwen (boven de 50) uit alle lagen van de bevolking. Dat betekent dat de brief begrijpelijk moet zijn voor hen allemaal, ook voor vrouwen met weinig taalervaring.

Naar ons idee is de stijl daar perfect op afgestemd.

Woordniveau

Er staan geen moeilijke woorden in maar ook geen overdreven eenvoudige. De lezeres wordt met respect aangesproken, als volwassene. Dat respect zie je ook in de aanspreking: Geachte mevrouw en u.

Zinsniveau

De meeste zinnen zijn (vrij) kort maar er zijn ook een paar langere. Dat geeft een prettige afwisseling. Er staan geen ingewikkelde zinnen in de brief en ook geen lange of ingewikkelde zinsdelen.

Tekstniveau

De tekst is helder en logisch opgebouwd. De eerste zin legt uit waarom deze mevrouw deze brief krijgt. Tegelijk is het een soort controle. Als deze mevrouw niet (op deze datum) heeft meegedaan, is er een vergissing gemaakt.

De tekstjes onder de tussenkopjes passen goed bij die kopjes. Samen vertellen ze een logisch verhaal, vanuit het perspectief van de lezer. Want dit is wat de lezer wil weten: Wat is de uitslag? Wat betekent die uitslag? Hoe nu verder?

Hierboven zeiden we al dat de stijl perfect is afgestemd op de doelgroep: het taalgebruik is begrijpelijk voor iedereen. Maar de stijl is ook perfect afgestemd op het onderwerp van de brief. De uitslag van dat onderzoek is een serieuze zaak. Daar hoort geen joviale stijl bij, zo van ‘Hoi, we hebben eens even gekeken en het valt wel mee, hoor.’ Dat zou de lezer geen vertrouwen geven. Over een ernstige of wetenschappelijke zaak schrijf je niet al te informeel. Tegenwoordig ook niet meer echt formeel, maar elementen als ‘Geachte mevrouw’ en ‘u’ blijven verplicht!

Samenvatting

Je hebt in deze eerste module kennisgemaakt met het begrip schrijfstijl. Je hebt aan de hand van de voorbeelden kennisgemaakt met diverse stijlen. Ook heb je ervaren dat schrijfstijl veel invloed heeft op hoe de boodschap (de inhoud van de tekst) overkomt. Je hebt geleerd dat schrijfstijl zich afspeelt op drie niveaus: woordniveau, zinsniveau en tekstniveau.

Oefentoets

Hieronder zie je een aantal vragen over de drie niveaus van schrijfstijl. Met deze oefentoets kun je controleren of je de theorie begrijpt en kunt toepassen. Deze oefentoets is niet verplicht, je kunt ook door naar de volgende les zonder de toets te maken.

Terug naar:Zakelijke schrijfstijl > Module 1: Introductie zakelijke schrijfstijl
Ga naar de bovenkant